We concluderen op basis van het opvolgingsonderzoek dat er stappen gezet zijn om het zicht op subsidies en de resultaten en effecten daarvan te verbeteren. Tegelijkertijd is de praktijk weerbarstig. Niet alle voorgenomen verbeteringen zijn volledig doorgevoerd en het goed vormgeven van het lerende vermogen is nog in ontwikkeling. Zicht op arrangement 1 subsidies (onder de € 25.000) moet vanaf 2025 verder verbeterd worden. Dit maakt duidelijk dat aandacht voor het thema onverminderd nodig blijft, zowel bestuurlijk als ambtelijk.
1. PS: verzoek GS om in te blijven zetten op het verbeteren van het lerend vermogen van de organisatie en het daadkrachtig doorvoeren van verdere verbeteringen voor het zicht op subsidies.
In 2024 verleende de provincie Gelderland 2.109 subsidies met een totaalbedrag van € 266 mln. Dit is bijna een derde van het totaal van de uitgaven van de provincie: € 901 mln. Het houden van zicht op de effecten en resultaten van subsidies is een proces van de lange adem dat weerbarstig zal blijven. Dit proces valt of staat bij voldoende bestuurlijke en ambtelijke aandacht. Een actueel en ‘levend’ kader voor evaluaties helpt hierbij.
2. PS: verzoek GS in de verantwoording over subsidieverlening in het jaarverslag te rapporteren over de uitkomsten van evaluaties en daarmee de doeltreffendheid van subsidies te bewaken.
Met de nieuwe werkwijze waarin evaluatie van subsidies onderdeel wordt van bredere evaluaties is het belangrijk de rode lijn van de doeltreffendheid van subsidies te bewaken en PS daarover te informeren. GS zijn voornemens PS via het jaarverslag jaarlijks te informeren over de uitkomsten van evaluaties van subsidies. Met deze aanbeveling bekrachtigt u dat voornemen.
Het onderzoek is gepubliceerd op 11 december 2025.
Behandeling van het rapport
Op 28 januari 2026 ontvingen we de bestuurlijke reactie van Gedeputeerde Staten (GS).
Op woensdag 11 februari staat het rapport op de agenda van de verkenning tussen GS en PS en hebben leden van Provinciale Staten de gelegenheid vragen te stellen aan de Rekenkamer.
Op 4 maart staat de oordeelsvormende bijeenkomst op de agenda in het cluster Financiën, Economie en Sport.
Op 18 maart staat behandeling in de vergadering van Provinciale Staten gepland.