Gepubliceerde
onderzoeken

ONDERZOEK UITGEVOERD IN OVERIJSSEL
ONDERZOEK OOK UITGEVOERD IN GELDERLAND
16 OKTOBER 2019
SamenvattingConclusiesAanbevelingenBestuurlijke behandeling

Zicht op subsidies

De Rekenkamer Oost-Nederland onderzocht of de provincie zicht heeft op de doeltreffendheid van verstrekte subsidies. Zij concludeert in haar rapport dat de provincie aandacht besteedt aan het evalueren van subsidieregelingen. Het merendeel van de langlopende subsidieregelingen wordt geëvalueerd. Ook maakt de provincie afspraken over het niveau van evaluaties. Deze afspraken zijn weinig ambitieus, maar in de praktijk ligt het niveau van evaluaties vaak hoger. Beschikbare sturingsinformatie kan beter benut worden om ervoor te zorgen dat alle regelingen tijdig en op het juiste niveau geëvalueerd worden.

Subsidies zijn een belangrijk instrument om doelen te realiseren. Ook door de provincie Overijssel wordt jaarlijks voor tientallen miljoenen aan subsidie verstrekt. Middelen die afkomstig zijn van de belastingbetaler. Het is dan ook van belang om zicht te hebben op de resultaten en effecten die gerealiseerd zijn met subsidies.

Dat de provincie aandacht besteedt aan het evalueren van subsidies blijkt uit het feit dat ze sinds enkele jaren voor elke regeling afspraken vastlegt. Er wordt afgesproken of en op welk niveau de regeling geëvalueerd moet worden, dat wil zeggen: wordt er gekeken naar de geleverde prestatie of moet duidelijk worden of de doelen zijn bereikt door de subsidie. De vertaling van deze afspraken is weinig ambitieus doordat voor een grote meerderheid van de regelingen verantwoording door individuele subsidieontvangers als evaluatie beschouwd wordt. In de evaluatiepraktijk wordt bij langlopende subsidieregelingen overigens wel vaak gekeken of de prestatie ook bijdraagt aan het doel dat de provincie voor ogen had.

Het merendeel van de regelingen waarvoor een evaluatie afgesproken is, wordt daadwerkelijk geëvalueerd. Maar dit geldt niet voor alle regelingen, waarmee de interne afspraken niet gevolgd worden. Daarnaast is het wettelijk verplicht regelingen die langer lopen dan 5 jaar te evalueren op doeltreffendheid. Van de 13 regelingen die langer dan 5 jaar lopen zijn 10 tijdig geëvalueerd.

Dat subsidieregelingen nog niet in alle gevallen volgens eigen afspraken of de wettelijke verplichting geëvalueerd worden, komt deels omdat sturingsinformatie wel beschikbaar is maar beperkt benut wordt. Er zijn overzichten van alle (lang)lopende subsidieregelingen maar dit wordt nog niet voldoende gebruikt om te controleren of aan afspraken voldaan wordt. Ook is er een overzicht van alle verstrekte subsidies. Daarmee hebben Gedeputeerde Staten inzicht in de omvang en aard van subsidies. Deze informatie wordt op dit moment nog maar beperkt met Provinciale Staten gedeeld wat haar controlerende rol lastig maakt.

 

Zicht op subsidies

Hoofdconclusie
De provincie besteedt aandacht aan het evalueren van subsidieregelingen. GS maken afspraken (beleid) over het niveau van evalueren van subsidieregelingen. De afspraken over het niveau van de evaluaties zijn weinig ambitieus maar worden in de praktijk voor in ieder geval de langlopende regelingen op een hoger niveau uitgevoerd. GS voeren voor het merendeel van de langlopende regelingen evaluaties uit. Een enkele subsidieregeling is niet (tijdig) geëvalueerd waarmee interne afspraken en de Awb niet gevolgd worden. Dit laatste komt mede doordat de sturingsinformatie wel beschikbaar is, wat een grote vooruitgang is ten opzichte van enkele jaren geleden, maar deze beperkt benut wordt. Ook wordt deze informatie niet met PS gedeeld waardoor zij hun controlerende rol moeilijk kunnen vervullen.

Deelconclusies
GS maken sinds 2014 afspraken op welk niveau ze een subsidieregeling willen evalueren. Deze afspraken zijn echter weinig ambitieus. Voor het merendeel van de subsidieregelingen is afgesproken te evalueren op niveau 1 (prestaties). De ‘vertaling’ door GS van een evaluatie op niveau 1 is niet meer dan het reguliere vaststellen van individuele subsidies. Van een evaluatie is met deze invulling geen sprake. Voor alle langlopende regelingen is ook niveau 1 afgesproken. Dit is niet in de geest van de Awb-verplichting.

GS voerden voor het merendeel van de langlopende subsidieregelingen evaluaties uit. Deze evaluaties zijn in de praktijk van een hoger niveau dan het afgesproken niveau 1. Enkele langlopende subsidieregelingen zijn niet (tijdig) geëvalueerd waarmee de Awb niet gevolgd wordt. Sommige korter lopende subsidieregelingen zijn in de praktijk niet in lijn met de interne afspraken geëvalueerd: deze regelingen zijn ofwel niet geëvalueerd terwijl dit wel afgesproken was dan wel op een andere manier geëvalueerd dan afgesproken.

GS beschikken over overzichten van alle (lang)lopende subsidieregelingen en verstrekte subsidies. Daarmee hebben zij inzicht in de omvang en aard van subsidies en zicht op de regelingen die geëvalueerd moeten worden. Dit is een grote vooruitgang ten opzichte van 2013, toen de rekenkamer ook onderzoek deed naar subsidies. Tegelijk wordt deze informatie beperkt benut. Het overzicht van lopende subsidieregelingen wordt door GS niet gebruikt om te monitoren of regelingen geëvalueerd moeten worden. Als gevolg daarvan wordt niet volledig aan de Awb-verplichting en interne afspraken voldaan. PS worden bovendien niet over de aard en omvang van subsidies geïnformeerd wat haar controlerende rol lastig maakt. Ook worden zij niet structureel geïnformeerd over de uitkomsten van evaluaties waardoor zij minder zicht hebben op de effectiviteit van subsidieregelingen.

 

 

Zicht op subsidies

Aanbevelingen aan GS

  1. Spreek bij een evaluatie op niveau 1 af in ieder geval op regelingniveau inzicht te bieden op de prestaties.
    GS beschouwen de reguliere vaststelling van een individuele subsidie als een evaluatie op niveau 1. De Rekenkamer is van mening dat dit geen evaluatie is omdat op regelingniveau geen prestaties in beeld worden gebracht.
  2. Breng de evaluatieafspraken in lijn met de Awb-verplichting. Neem daarbij minimaal het inzicht in doelbereik als uitgangspunt, waar gemotiveerd van kan worden afgeweken indien nodig.
    Voor alle regelingen die op dit moment langer dan 5 jaar lopen, geldt dat GS evaluatieniveau 1 (inzicht in prestaties) hebben afgesproken. Dit is niet in lijn met de Awb waar wordt gesproken van inzicht in de effecten. Zorg daarom dat voor alle langlopende regelingen het afgesproken evaluatieniveau wordt aangepast naar minimaal niveau 2 (inzicht in doelbereik).
  3. Zorg dat evaluaties van langlopende regelingen tijdig en daarmee in lijn met de Awb worden uitgevoerd.
    Niet alle langlopende regelingen zijn (tijdig) geëvalueerd terwijl de Awb dit verplicht.
  4. Zorg dat evaluaties van korter lopende regelingen in lijn met interne afspraken worden uitgevoerd of wijk gemotiveerd van deze afspraken af.
    Niet alle korter lopende regelingen zijn in lijn met interne afspraken geëvalueerd.
  5. Maak de resultaten van de steekproefcontrole van 'kleine' subsidies (arrangement 1) onderdeel van de jaarlijkse informatie over subsidies aan PS.
    Het is van belang PS te informeren of het gestelde vertrouwen in subsidieontvangers gerechtvaardigd is. Mede gezien de stijging in aantal en omvang van kleine subsidies zijn de resultaten van de steekproef relevant voor PS.
  6. Gebruik het overzicht van lopende regelingen om evaluatieafspraken te monitoren en te voldoen aan de Awb-verplichting.
    GS hebben overzicht van lopende regelingen en evaluatieafspraken maar gebruiken dit niet om te monitoren wanneer regelingen geëvalueerd moeten worden. Mede hierdoor zijn niet alle regelingen geëvalueerd waarvan dit verwacht mag worden. 
  7. Vul de lijst met lopende regelingen aan met een link naar beschikbare evaluaties en deel deze met PS zodat zij kennis kunnen nemen van de resultaten.
    Op deze manier hebben zowel GS als PS een overzicht van alle uitgevoerde evaluaties en kunnen PS kennis nemen van de inhoud.
  8. Zorg voor jaarlijkse informatievoorziening aan PS over subsidies, bijvoorbeeld door in de jaarstukken de ontwikkeling in de omvang te schetsen.
    PS krijgen op dit moment geen overzicht van trends en ontwikkelingen van verstrekte subsidies. Dit is relevant omdat subsidies als instrument een groot deel van alle lasten vormen.

    Aanbeveling aan PS

  9. Verzoek GS een jaar na de behandeling van dit rapport inzicht te geven in de implementatie van de aanbevelingen.
    Subsidieverlening is grotendeels de verantwoordelijkheid van GS en uitvoeringsgericht. Dat betekent dat veel van de aanbevelingen ook aan GS gericht en van een gedetailleerd niveau zijn. De implementatie van de aanbevelingen komt ten goede aan uw informatiepositie. Het is daarom eens te meer van belang om zicht te houden op de implementatie ervan.

Zicht op subsidies

Het rapport is op 16 oktober 2019 aangeboden aan de Commissaris van de Koning. 

Op 8 november ontvingen wij de bestuurlijke reactie van Gedeputeerde Staten.

De commissie bestuur en financiën besprak ons rapport op 8 januari 2020.

In de vergadering van 22 januari besloten Provinciale Staten onze conclusies en aanbevelingen over te nemen.