Terugblik op 12 jaar voorzitterschap van Michael Mekel
In december hebben we afscheid genomen van Michael Mekel. Hij is twee termijnen, in totaal twaalf jaar, voorzitter geweest van de Rekenkamer Oost-Nederland. De Commissarissen van de Koning van Overijssel en Gelderland roemden zijn hart voor goed openbaar bestuur, zijn deskundigheid en betrokkenheid.
De Commissaris van Overijssel sprak zijn waardering uit voor de heldere boodschappen in de rapporten: pittig waar nodig, maar altijd met respect voor rollen en verantwoordelijkheden. ‘Inhoudsgericht, maar zonder de mens uit het oog te verliezen.’ En als iets goed ging, werd dat ook gezegd. Elk onderzoek werd symbolisch aangeboden en de reis die daarvoor vanuit Den Haag moest worden afgelegd was nooit een probleem. Dit keer worden de rollen omgedraaid en hebben Provinciale Staten een cadeau voor Michael. Het is een vaas van Mariëtte van Daalen uit Zwartsluis, met aan de bovenkant de vorm van de provincie Overijssel.
De Commissaris van Gelderland memoreerde eveneens de manier waarop de Rekenkamer haar rapporten overhandigde. Dit was in het tijdperk-Mekel aan verandering onderhevig. ‘Niet in de laatste plaats door technologische ontwikkelingen. De rapporten werden vroeger altijd gedrukt en per post toegestuurd. Maar wat bied je aan als iedereen digitaal leest? USB-sticks boden soelaas. Toen ook die uitstierven, voltrok zich een laatste stap in de ontwikkeling: een ludiek object dat symbool staat voor het onderzoek. Zo ontvingen we de afgelopen jaren uit de handen van Michael onder meer een paraplu bij het onderzoek over risicomanagement, een zak vruchtbare grond, een spaarpot en, zeer belangrijk met het oog op de veiligheid, een fietsbel.’
Ook van Gelderland ontvangt Michael geheel in stijl iets symbolisch. Er wordt een hoofdstuk afgesloten en het vizier is gericht op de toekomst. Daar kan een verrekijker bij van pas komen.
Michael Mekel nam ons in zijn afscheidsspeech mee terug naar 2014 – het jaar waarin hij startte als voorzitter. Een jaar vol mijlpalen: de verhoging van de alcoholleeftijd, Michael van Gerwen die wereldkampioen darten werd, Fries dat een officiële taal werd en PEC Zwolle dat de KNVB-beker won.
Zijn eerste rapport ging over grondverwerving. Twaalf jaar en 87 rapporten later sloot hij bijna af met een rapport over grondstrategie. Een indrukwekkende tijd waarin veel is gebeurd, die hij samenvatte in vier trends:
1. Bestuur
• Overijssel: 3 Commissarissen van de Koning, 14 gedeputeerden, 1 griffier, 22 fracties (waarvan nu 16 actief), circa 150 statenleden.
• Gelderland: 4 Commissarissen van de Koning, 17 gedeputeerden, 4 griffiers, circa 175 statenleden.
Er was één gedeputeerde actief zowel in Gelderland als Overijssel. Een statenlid in Gelderland wist het antwoord: Annemieke Traag.
Kortom: veel beweging in het openbaar bestuur.
2. Bestuurlijke inrichting
Voor 2014 was er nog discussie over het opheffen van provincies. Inmiddels is hun bestuurlijke relevantie onmiskenbaar toegenomen: voor veel oplossingen heeft het Rijk provincies nodig.
3. Ruimtelijke ordening – wonen
Van tegengaan van overcapaciteit in woningbouw (2014) naar balans (2018) en nu: bouwen, bouwen, bouwen – ondanks de schaarse ruimte. Beleidsinzet is 180 graden gedraaid. Hoe ziet dat er over twaalf jaar uit?
4. Sociale structuur – demografie
Overijssel groeide met 50.000 inwoners (bijna de omvang van Kampen). Gelderland groeide met 130.000 inwoners (meer dan de omvang van Ede). Minder jongeren, meer ouderen: een demografische druk die vraagt om voorbereiding en visie op leefbaarheid.
De rode draad in deze vier trends: de relevantie van provincies én van het provinciebestuur is sterk toegenomen. Statenleden hebben een prachtig ambt met grote verantwoordelijkheid, ondersteund door een professionele ambtelijke organisatie, de griffie en een ‘fantastische Rekenkamer’.
‘Hou elkaar heel en zorg goed voor elkaar. Het ga u goed.’ waren de laatste woorden van Michael voor Provinciale Staten.
Niet alleen de Staten, ook bestuur en staf van de Rekenkamer hebben afscheid genomen van Michael. Eén keer maakten we hiervoor de reis andersom: met z’n allen naar Den Haag. Daar kregen we een inspirerende rondleiding over de zandmotor – een prachtig voorbeeld van innovatie. Daarna sloten we de dag af met samen koken en genieten bij Capo Cucina waar ook de partners bij aanwezig waren.
Het was een goede manier om samen herinneringen op te halen. Wij kijken terug op een kundige, betrokken en flexibele voorzitter. Rest ons niets meer dan een groot woord van DANK voor de afgelopen twaalf jaar.